Monthly Archives

februari 2011

Nino, overpeinzingen

Een zappy’ken doen, anders?

Allez hup, het is feitelijk eens een blogpostje waard. Want het maalt in mijn hoofd en dan wil dat al wel eens helpen. Weet u nog, dat ik mij hier afvroeg hoe dat werkt, een kindje structuur aanleren? Wat ik vooral onthield uit jullie reacties was dat hij daar nog wat jong voor was en dat ge geen problemen moet scheppen daar waar er gene zijn. Ik hield dat goed vol tot een maand of wat geleden. Baby kon toen duidelijk niet meer slapen in het park in de woonkamer en werd daar nogal lastig van. Tante Tweet mailde mij daarop haar systeem: vermoeide baby in zijn bedje leggen. ‘Dat lukt niet gij!’, dacht ik, want ik had dat natuurlijk al geprobeerd. Maar blijkbaar was de baby er ineens wel klaar voor, want het lukte wél. Een heel aantal weken liep dat hier dan ook behoorlijk goed. Kind moe -> kind wrijft in oogjes -> kind het beddeken in -> kind slaapt. Met wat gezeur af en toe, maar dat was zo erg niet. Ik ben niet zo week dat mijn hart breekt bij elk huiltje of pruiltje.

Tot vorige week. Kind besloot dat hele ‘in het beddeken’-gedoe niet meer zo fijn te vinden en zette het op een krijsen. Krijsen dat hij nu ook ’s nachts ten berde brengt. Niet zeuren, niet wat wenen, maar krijsen. En het duurt langer dan 5 of 10 minuten, het houdt eigenlijk niet op tot hij getroost wordt. De draagzak brengt overdag soelaas en ’s nachts belandt hij al eens in ons bed. (MAN! DOODZONDE!)

Wat mij door deze niet zo leutige kwestie opvalt, is dat iedereen de raad geeft dat ge moet doorbijten. Niet toegeven! Laten huilen! En het wringt in mijn gedachten. Neen, niet in mijn moederhart zoals ge allen denkt (tsss, Lieve het mietje), maar écht in mijn gedachten. Een paar bedenkingen…

1. Hij deed dat dus echt goed, die dutjes. En ineens niet meer. Volgens mij toont dat aan dat hij het moeilijk heeft. Met wat, daar heb ik het raden naar. Een paar externe mogelijkheden: het arme schaap heeft al 2 tanden. Ik ben vaste voeding aan het introduceren. Ik heb hem meegetroond naar een veel te druk eetfestijn waar hij helegans over zijn toeren gegaan is. Hij moet 2x per week naar de kinesist. Hij begint wat vreemd te worden. Hij heeft een sprongetje (moehaha, allen in koor).

2. Bon, waar het aan ligt, ik laat dat dus in het midden. Dat hij het moeilijk heeft, dat kunnen we objectief wel vaststellen. (Er worden decibels geproduceerd.) Ik vind het soms een beetje raar (please don’t shoot me) dat daar massaal op gereageerd wordt met ‘ge moet dat negeren jong!’.

Kan een baby van nog geen 6 maanden zich wel al ‘aanstellen’? En wat is dat dan, dat ‘aanstellen’… Toch een interpretatie van ons? Hij vraagt aandacht, ja. Omdat hij dat om 1 of andere reden nodig heeft. Waarom interpreteren wij dat zo negatief? (Aandacht vragen? -> eik, dat mag niet! -> zo snel mogelijk elimineren dat gedrag, gelijk waar het aan ligt!). Ga ik hem miskweken omdat ik hem troost als hij het moeilijk heeft?

(Vreemd is trouwens dat hij soms nog eens zonder een krimp te geven in slaap valt, wat volgens mij een teken is dat het (nu) geen aanstellerij is. Anders zou hij altijd huilen vanaf het moment dat hij het bed in zijn vizier krijgt.)

Voor alle duidelijkheid: ik heb het niet over een kleuter die zich op de grond werpt omdat hij geen snoepje mag. Een kleuter zit cognitief natuurlijk al een PAK verder en kan zich wél aanstellen. Ik heb het over een babietje dat (tijdelijk, mag ik hopen) huilt omdat er iets scheelt. Het zal wel aan mij liggen, maar ik heb precies nog geen goesting om daar supernanny-tactieken op te gaan uitproberen.

U mag dat weten, ik heb het zelfs eens geprobeerd. ‘Als iedereen dat zegt, dan moet ik dat maar doen’, dacht ik. Want ik mag dan een nuchtere tante zijn, ik ben natuurlijk ook onzeker. Baby krijste een half uur aan een stuk en was volledig overstuur. Ik had dan weer goesting om met mijn hoofd heel hard tegen de muur te bonzen. Als het de juiste techniek zou zijn, dan moet ik hem duidelijk nog bijschaven.

Wat doet ze dan feitelijk wél, hoor ik u denken? Als baby moe is, dan gaat zijn slaapzakje aan en gaat hij zijn beddeken in. Ik laat hem wel wat huilen, maar als ik hoor dat het niet gaat lukken dan neem ik hem er weer uit, ja. (MAN! WEER DOODZONDE!). Ik maak daar geen feestje van maar doe dat in alle rust. Wordt hij later weer moe, dan volgt hetzelfde ritueel en gaan wij weer naar boven. (Ge moet toch iets doen om uw postnatale kilo’s kwijt te raken, nietwaar). Ik ben liever op die manier consequent, dan op de manier van het laten huilen tot hij in slaap valt.

Ach kijk, het is interessante materie waar iedereen wel zijn of haar gedacht over heeft. Ik kan ook gewoon wreed mis zijn. Misschien moet ik later net als zij het kind met goudvissen omkopen om weer in zijn eigen bed te gaan liggen. Ik laat het u zeker weten.

koken met Lieve, overpeinzingen, zever, gezever

Hoe zit dat nu, mijne heren?

De zeer aandachtige lezer zal wel al gemerkt hebben dat ik nog steeds wekelijks mijn weekmenuutje post (Al 10 weken! Bestaan daar ook geen medailles voor?). En zo zal die aandachtige lezer ook gemerkt hebben dat wij veel stoverij eten. Wij hebben dat wreed graag, wij.

Ik maakte mijn stoverij tot op heden volgens het recept van de Heer Huysentruyt. Een apart man, die ik niet onmiddellijk de prijs van sympathiekste peer der Belgen zou geven, maar de karikatuur die hij van zichzelf maakt doet mij soms wel lachen. En zijn concept van SOS Piet vind ik echt zeer goed gevonden, zo goed dat ik er een beetje spijt van heb dat ik zo geen geniale ideeën heb. Ik had in dat geval voorzekers al ergens in het Zuiden van Frankrijk aan mijn zwembad gelegen, maar soit.

Piet zijn recept dus. Met rundvlees echter wel, want met varkensvlees is dat niet ‘echt’ voor mij. In het boek staat ook hoe ge best frietjes kunt maken. Iets wat ik vroeger thuis al veel deed op een gelijkaardige manier, maar wij wasten die frietjes niet zo grondig. Volgens Piet moet ge dat echter wel doen, want zo spoelt al het zetmeel weg, kleven de frietjes niet aan mekaar en worden ze mooi krokant.

Meneer Meus, die maakte vorige week ook stoverij met frietjes, ter ere van de 100e uitzending van het absoluut fantastische Dagelijkse Kost. De baby is hier zot van kookprogramma’s (kleurtjes! beweging!) en omdat ik zo lief ben, keek ik dan maar mee. (Het kan ook omgekeerd geweest zijn, dat is een detail). Meneer Meus was daarbij zijn enthousiaste zelve en sneed frietjes, om ze nadien recht in de friteuse te keilen. ‘Ola, wait eens a minute!’, dacht ik, geheel in de war gebracht door deze actie. Maar onderwijl legde Meneer Meus reeds uit: ‘Frietjes wassen we niet natuurlijk, want we hebben het zetmeel nodig om ze mooi krokant te krijgen.’

Nu vraag ik u. Beide heren zijn – los van hun sympaticograad – toch wel chefs, dacht ik zo. Wie o wie is degene die ons daar om de tuin leidt? Wie o wie is het hoofdstuk ‘patatten’ in zijn cursus vergeten blokken indertijd? Wie o wie verdient centjes aan boeken met dingen die niet kloppen?

Het katapulteerde mij ook onmiddellijk terug naar dat jaar dat ik eens kookles volgde. ‘Verfijnde menu’s’, bij een strenge juffraa. Mijn medestudent en ik gooiden, met als doel een puree, wat patatten in koud water en de pot vervolgens op het vuur, waarop de juffraa bijna een hartstilstand kreeg. ‘Wat doet ge nu!’, gilde ze. ‘Patatten moet ALTIJD in heet water opgezet worden!’ Zodoende gingen de patatten in heet water (aangevuld met ons zweet, want wij hadden wat schrik voor de juffraa) en werd ons deze doodzonde op het nippertje nog vergeven. Althans, dat denk ik toch, misschien had ze mij wel gebuisd voor het examen, dat heb ik dan maar wijselijk niet meer meegedaan.

U raadt het al, dit weekend zag ik Piet verkondigen dat patatten ALTIJD in koud water moeten opgezet worden. De uitleg heb ik niet meer gehoord, want ik was inwendig al een beetje te hard aan het vloeken.

Om nog maar te zwijgen over alle tegenspraken die er bestaan over bechamelsaus (warm bij koud, koud bij warm…), het al dan niet kruiden van vlees voor ge het bakt, enzoverder.

Ik vrees dat de heren Meus en Huysentruyt hier zelf niet terecht gaan komen, dus ik vraag het maar aan u. Hoe doet u dat allemaal of wat peinst u daarvan?

Nino, overpeinzingen

1500

Nee gulder zottekes, niet mijn 1500-ste postje, of nog bijlange niet mijn 1500-ste lezer. Maar. Ik was dus zo eens aan het denken. U weet dat of u weet dat niet, maar het kindeke hier ten huize, dat is intussen al 5 maanden oud geworden.

Dat is al zo groot:

Maar eigenlijk ook nog zo klein…

Maar dus. Terwijl het kind zich maar weer eens aan mij laafde, dwaalden mijn gedachten af. Vijf maanden. Van ongeveer 30 dagen (we gaan niet moeilijk doen). Gemiddeld tien voedingen per dag. (Jahaa, nog steeds. Soms wel al eens minder, maar dat wordt volgens mijn bescheiden mening gecompenseerd door het feit dat hij al eens een achttal uurtjes durfde te clusteren. Die tijden zijn gelukkig voorbij.). De eerste 3 weken heb ik natuurlijk geen live babietje gevoed maar wel een machine, maar dat telt ook. Dat maakt 1500 voedingen! 1500!!

Al een chance dat er mij dat niemand op voorhand heeft gezegd, want ik zou toch eens duizelen. Maar goed, waar kan ik mijn medaille ophalen?

Om u voor te zijn: geen Zappy-toestanden of  ‘borstvoedingsmaffia’ hoor alhier. Elke mama verdient natuurlijk een medaille. Had ik last gehad met dat borstvoedingsgedoe, dan had ik het misschien ook geen 1500 keer gedaan. Ik ben tot nu toe gespaard gebleven van de kwaaltjes, het kind dronk gewoon onmiddellijk vlot en kwam ook voldoende bij. Er mag ook wel iets ‘gewoon’ goed gaan, niet waar!

Uncategorized

Vernieuwingen

Oh ja, de blog hangt nu gewoon zoals alle andere blogs te zweven op het wereldwijde web. Dat deed hij daarvoor natuurlijk ook, maar toen was er iets met thuishosting en portforwarding (sounds good hey?), waardoor hij niet overal wilde verschijnen.

Updates zullen daardoor niet meer in uw Reader verschijnen (gesteld dat u die gebruikt natuurlijk). Dat is een beetje een rare boodschap, want als u louter via uw Reader leest en deze niets meer meldt, dan komt u hier natuurlijk niet meer kijken. Helaas kan ik daar nu niets meer aan doen.

Voor wie hier wel toevallig passeert en terug updates wil krijgen, voeg abonnement http://www.ninfita.be/?feed=rss2 toe. Dat blijkt de enige manier. Ik heb dat voor u getest en al, zonder dank.

Onderstaand postje is weer met een paswoord, ge zoudt u al bijna afvragen waarom ik de blogue ooit vanachter een slotje heb gehaald, haha! Maar nood breekt wet, al deel ik vriendelijk paswoordjes uit aan wie dat vraagt hoor. Ik bijt niet.