le nouveau bébé est arrivé,  Nino,  overpeinzingen

Nog niet verzopen, en dat is een kunst als ge naar buiten kijkt.

“Het is alsof er nooit iets gebeurd is!”, sprak mijn gynaecoloog, na het postnatale controlebezoekje. En zo voelde het ook. Gewicht weg, alles weer op zijn plaats, ik weer in een onaangename positie op zijn tafel maar dit keer met een slapend wichtje in de buggy naast me. “En zo braaf, ge kunt er mee buitenkomen!”. Tja, dat was dan weer een moedige uitspraak. Ik had immers het lief gesmeekt om mee te komen, want ze zou vast weer krijsen in de maxi cosi en dan zou ik daar liggen en haar niet kunnen oppakken en de dokter zou er ook gek van worden en… U kent het misschien wel, de lichte stress die een onvoorspelbare bleitbaby met zich meebrengt.

Ik ben al een pak meer getraind dan bij kind 1 en versleep 2 keer per dag een baby in maxi cosi en peuter van en naar school. Soms krijst de baby, soms laat de peuter zich hangen (of wil hij een slak zoeken, of een steentje in het water gooien, of is hij bang van een camionette, of…), maar moeder verpinkt nog amper. Ik draag de peuter naar bed met de baby in de draagdoek, zeul met wasmanden, maak eten terwijl ik tracht me niet te verongelukken over rondslingerende autootjes. Yes, I can! Geen wonder dat het extra gewicht deze keer na een maand al was weggesmolten, het jonge-moeder-jongleren is beter dan welk dieet ook.

Maar goed, de zoon is dus vertrokken voor paar jaartjes schoolcarrière. Na een paar dagen niet huilen kwamen een paar dagen groot verdriet en inmiddels lijkt er voor hem wat rust teruggekeerd te zijn. De hysterische buien blijven sinds het schoolgaan achterwege, hij bekijkt de baby niet meer als indringer en mij niet meer als ’s lands grootste verraadster. Hij komt met zand en snot op zijn gezicht terug van school en moeder krijgt overal complimenten over dat baasje dat er zo teer uit ziet, maar daar rondloopt alsof hij nooit wat anders gedaan heeft. Gisteren kwam het eerste dramatische verhaal over Seppe die hem pijn had gedaan en Mauro ook en de ‘noek’ en ‘geweend’, waar ik na een kwartier al kop noch staart kon aan krijgen. Ik vermoed dat ze allen een beetje op mekaar hebben gemot, maar dat kan een foute interpretatie zijn.

 photo foto-9_zpsed6db951.jpg

De dochter dan, die vond het wel prettig om mij eens te te tonen hoe stom ik wel was met mijn sceptische ‘pfft, bestaan er wel nog baby’s zonder reflux tegenwoordig?’, door… zware reflux te hebben. Ik moest van de kinderarts eens noteren hoe vaak per dag ze hikte en herslikte, en kwam op een keer of 40. Ik moest er zowaar zelf even van slikken. We sleepten ons door een paar weken voeden – wenen – draagdoek – voeden – wenen – draagdoek… en het kind toonde zich het onrustigste babietje dat ik al had gezien, continu wroetelend en wriemelend en vechtend met haar eigen lijfje. Ze vond enkel slaap en rust dicht bij mij en weigerde pertinent om haar mooie cosleeper in gebruik te nemen. Inmiddels is ze dan toch een metertje opgeschoven, mijn nek en rug zijn daar dankbaar voor, mijn hart neemt alweer afscheid van een klein hoofdstukje. Ik moet bekennen dat ik heb ingehaald wat ik bij de zoon heb gemist, aan nabijheid met dat verse babygrut. Het is en blijft toch iets bijzonders en unieks, die band moeder – pasgeborene. Haar eerste prikjes toonden ook haar talent tot rasechte dramaqueen, met pathetisch huilen – stoppen – er terug aan denken en nog meer pathetisch huilen… Maar wreed schattig, dat is ze wel. Kijk maar.

 photo foto-1-1_zpsd37f5aa8.jpg

U zal het mij vast vergeven dat ik nog niet uitweid over de beterschap die lijkt aangebroken dankzij de nieuwe medicatie, babyvloek en al. Maar u mag samen met mij duimen dat het echt zo is natuurlijk.

Enfin, u leest het, ondanks alles bevalt het moederschap mij nog steeds zeer. Niet teleurgesteld of depressief geworden hier door de komst van nummer 2, voorlopig voelt het echt allemaal goed aan. Laat het een hoop wezen in deze voor jonge moeders turbulente tijden. (Nu ben ik wegens het verlopen van mijn tijdelijk contract ook wel werkloos en wil ik eigenlijk maar halftijds meer werken (LUI! AFHANKELIJK!), dus moet u misschien naar mij niet luisteren.)

3 Reacties